Medehuurderschap
Hieronder wordt u het verschil uitgelegd tussen een medebewoner en een medehuurder. Tevens leest u op welke wijze u medehuurderschap kunt aanvragen.
Medebewoner
De huurder (hoofdbewoner) is verantwoordelijk voor alle verplichtingen die in het huurcontract vermeld staan. Een medebewoner maakt naast deze hoofdbewoner ook van de woning gebruik. Als de hoofdbewoner de huur opzegt, moet ook de medebewoner de woning verlaten. Een medebewoner heeft geen rechten of plichten betreffende de woning en verblijft in de woning onder verantwoordelijkheid van de huurder. Medebewonerschap is normaal gesproken toegestaan, zolang er geen overlast ontstaat.
Medehuurder
Medehuurderschap is van groot belang als de medehuurder de huurovereenkomst wil voortzetten bij vertrek van de hoofdhuurder. Door middel van medehuurderschap is dat mogelijk. Een medehuurder heeft dezelfde plichten als de hoofdhuurder. Deze plichten staan vermeld in het huurcontract. Zo kan de medehuurder ook aangesproken worden op bijvoorbeeld de betaling van de huur.
Het samenwonen van ouder(s) en kind(eren) wordt normaal gesproken niet beschouwd als een duurzame gemeenschappelijke huishouding. De wet gaat ervan uit dat kinderen bij het bereiken van de volwassen leeftijd zelfstandig zullen gaan wonen. Zij kunnen daarom meestal geen medehuurder worden.
Aanvragen medehuurderschap
Om het medehuurderschap aan te vragen, moet(en) de huurder(s) en de medebewoner een schriftelijk verzoek voor medehuurderschap indienen bij de NWS. De aanvrager heeft tenminste twee jaar zijn hoofdverblijf in het gehuurde (volgens een uittreksel van de Gemeentelijke Basisadministratie) en voert met de huurder een duurzame gemeenschappelijke huishouding.
Onderverhuur
Het is huurders van een woning van de Noordwijkse Woningstichting niet toegestaan de woning, of een deel ervan, te onderverhuren of in gebruik te geven aan anderen.


